Klik hier om naar het einde van deze pagina te gaan

Jan Mars
redactie, productie en bewerking
van teksten, woorden en taal

Deskundigheden

Na de lagere school ging ik naar de mavo (1964; eindexamen 1969). Daarna bezocht ik de Gooise Radioschool in Hilversum en de Radio-Hollandschool in Amsterdam, mbo-scholen die opleidden tot marconist, een beroep dat niet meer bestaat. Na enige tijd werd ik daar wegens uitblijvend succes uitgegooid (resp. 1971 en 1972). Schriftelijk deed ik toen havo (PBNA, eindexamen 1974) en atheneum (LOI, eindexamen 1975), ondertussen mijn vervangende dienstplicht vervullend. Vanaf 1976 studeerde ik sociologie aan de Rijksuniversiteit Utrecht, waar ik in 1980 het kandidaats behaalde. Daarvoor deed ik onder veel meer een zesmaandsstage bij het Centrum voor Geweldloze Weerbaarheid in Amsterdam.
    In de afstudeerfase deed ik als groot bijvak polemologie in Groningen en sociologie van planning en beleid in Utrecht. Daarnaast volgde ik het verkort kandidaats filosofie aan de Centrale Interfaculteit in Utrecht, dat ik in 1981 afrondde, deed ik de eerstegraads lerarenopleiding maatschappijleer, en volgde ik een bijvakje informatica waarin opgenomen een cursus Pascal. Dat laatste gebruikte ik later om zelf programmaatjes te schrijven, bijvoorbeeld om het aantal woorden van artikelen te herleiden tot omvang in pagina's of kolommen in de vele tijdschriften waar ik voor werkte. Ik had ook een heel leuke klok geprogrammeerd, die ik gebruikte als openingsscherm van mijn computer.
    Intussen was ik student-lid van de subfaculteitsraad (1978-1980), van de faculteitsraad (1978-1980) en van het subfaculteitsbestuur (1980-1981), was ik lid van de redactie van het studentenblad De Asbak (1977-1979) en van het instituutsblad De Utrechtse Sociologenkrant (1978-1981). En geheel terzijde: ik was ook nog de dansleider van Volksdansgroep Tuindorp in Utrecht (1972-1982), en muzikant in een balorkest (sinds 1980). Zie verder ook hier. 
    Niettemin studeerde ik in 1983 af, met lof, in 'de sociologie van planning en beleid, in het bijzonder in verzorgingsstaten' en 'de polemologie'. Het voelt mogelijk als anti-climax: in november 1983 begon ik als leraar maatschappijleer aan het Wagenings Lyceum, een baantje van vier uur per week. In later jaren werden dat er acht, maar toen participeerde ik tegelijk ook en met veel meer enthousiasme maar deels vrijwillig zes uur per week als begeleider in het open-projectonderwijs op die school. Ik stopte met het leraarschap, wegens te ongeduldig en te snel, in 1986; in 1989, wegens te veel andere dingen, met projectonderwijs.
    In 1991-92 deed ik de cursus 'journalistiek voor academici' aan de School voor Journalistiek in Utrecht. Op dat moment werkte ik al jaren als freelance eindredacteur en schrijver, maar sinds ik die cursus volgde, noem ik mezelf journalist. Zie verder hier.
    Behalve deskundig (of ten minste uitgebreid ervaren) in het maken van uiteenlopende blaadjes, niet alleen in de 'software' (bedenken, acquireren, redigeren, volschrijven) maar zeker in de 'hardware' (co÷rdinatie van productie, vormgeving, opmaak, druk), ben ik ook betrokken bij pr-activiteiten voor allerlei doeleinden (zoals een schoenenwinkel, een beeldententoonstelling en een atletiekvereniging), bij consultancy-achtig werk (zoals begeleiding van rijksambtenaren bij pop-ontwikkeling), en bij de ontwikkeling van lesmateriaal. Een lijst met opdrachtgevers vind je hier.
    Bovendien ontdekte ik bij die diverse krantjes dat ik bepaald vaardig ben in korte commentaartjes. Mijn weblog laat dat zien (zie de kolom hiernaast), en eerder schreef ik vergelijkbare stukjes voor allerlei blaadjes. Minstens even leerzaam was het om bij al die diverse blaadjes die door uiteenlopende soorten van redacties in allerlei constellaties gemaakt werden, te ontdekken dat ik er niet tegen kan als mensen niet doen waar ze voor betaald worden om te doen, als mensen boos worden als ze aangesproken worden op hun verantwoordelijkheden of hun pretenties, als mensen hun incompetentie proberen te verbergen achter hun grote mond of hun sociale vaardigheden. En ik kan niet tegen domheid - een zwakte in mijn karakter, zeg dat wel.
    Overigens spreek ik Nederlands, goed Engels, redelijk Duits, verdraagbaar Frans en begrijpelijk Servisch. Ik schrijf Nederlands, redelijk Engels en Duits, matig Frans en nauwelijks Servisch.











Klik hier om naar het begin van deze pagina te gaan.



















Als je daar permissie voor hebt, kun je naar het afgeschermde deel van de website.x
Die permissie kun je vragen: mailadres